Carnavalskrakers, Vulkanen, Luchtdoop en Warriors
'De dolfijnen zijn er niet om jullie te entertainen, maar andersom.' Zo begon de briefing van de dolfijnen-meneer. Zwemmen met de dolfijnen betekent dus niet dat je in je zwembroek in het water springt, een stukje zwemt en dan door de dolfijnen door het water voortgetrokken wordt. Allereerst krijg je een 7 mm neopreen pak aan tot over je hoofd. Lekker warm en je blijft er in drijven, maar ontspannen bewegen zit er niet meer in. Dan ga je op commando het water in en moet je de aandacht van de dolfijnen zien te trekken. Die reageren op geluid, dus hoe meer geluid je maakt, hoe groter de kans dat de dolfijnen even een kijkje komen nemen. Daar lig je dan in de pacific ocean met 12 soortgenoten liedjes te zingen door een snorkel. Moet je maar eens proberen, zingen met een snorkel in je mond. Als ik dolfijn was zou ik er met een grote boog omheen zwemmen! Maar warempel, tijdens het toeteren van de eerste carnavalskraker worden we omringd door de dolfijnen. Nu de nieuwsgierigheid is geprikkeld kun je met ze spelen. Bijvoorbeeld met ze mee naar beneden duiken. Maar dat is niet zo eenvoudig terwijl je aan het toeteren bent in je snorkel en een pak met drijfvermogen aan hebt. Rondjes met ze zwemmen is de 2e optie. Dat doen ze zo snel dat je na 2 rondjes niet meer weet wat voor of achter is. Na wat oefenen en het doorslikken van een halve liter zeewater was het inderdaad een fantastische belevenis om echt interactie met deze geweldige dieren te hebben.
Na het zwemmen in Kaikoura zijn we weer het binnenland in getrokken en hebben nog een schitterende mountainbiketocht gemaakt bij de Hanmar falls. Afslag over het hoofd gezien, dus het laatste anderhalf uur had niet meer perse gehoeven. Onze tijd op het zuidereiland zit er bijna op, dus we zijn rustig aan richting Picton vertrokken voor de oversteek naar Wellington. Tijdens de oversteek wat het lekker rustig op de boot. Windkracht 7, storm en de boot 4 uur dwars op de golven. Daar kunnen de meeste mensen niet zo goed tegen schijnt. Door de onophoudelijke slagregens en het ontbreken van een leuke camping in Wellington hebben we 2 nachten in de jeugdherberg geslapen. Wellington is de hoofdstad van Nieuw Zeeland en heeft een geweldig Nationaal Museum (Te Papa). Daar hebben we heerlijk een paar uur in rondgelopen tot er niet veel info meer bij kon.
Tongariro Nationaal park ligt in het midden van net Noordereiland. Dit park is 1 van de meeste actieve vulkanische gebieden ter wereld. De Tongariro crossing is een schitterende dagwandeling dwars door het park en over de vulkaan. De wandeling is pittig en onwaarschijnlijk mooi. Je loopt echt letterlijk over de lavastromen en door de craters . Hier en daar kringelt rook omhoog en het ruikt een beetje eigenaardig naar zwavel. De lavastromen van uitbarstingen in 1870 en 1975 zijn goed te zien en het uitzicht op 2000 meter is prachtig. Dit is met stip de mooiste wandeling die we ooit gemaakt hebben.
Daarnadoor naar lake Taupo. Taupo is de skydiving capital of the world... We hebben niks geboekt en ook niet met elkaar afgesproken, maar we staan wel ineens op het vliegveld. Anderhalf uur later hebben we een overall en harnas aan en voor we goed en wel echt beseffen wat er gebeurt zitten we achterste voren in een piepklein vliegtuigje. Geel met van die tanden op de voorkant geschilderd. Op een hoogte van 15.000 feet (zo'n 5 kilometer) gaat het rolluik open. Nog even een bescheten glimlachje naar de exit camera en hop het luchtruim in. Het duurt een paar seconden voor je hersens en lichaam weer met elkaar in verbinding staan. Je hoofd kan op de een of andere manier niet geloven dat je uit vrije wil op 5 kilometer hoogte uit een vliegtuig bent gesprongen. En dan ga je 60 seconden met 200 kilometer per uur richting de grond. Ondertussen fladdert er ook nog een fotograaf om je heen. Het gevoel is echt onbeschrijfelijk, de adrenaline overal. Op 1,5 kilometer boven de grond gaat de parachute open en heb je echt tijd om lekker rond te kijken en weer terug in de realiteit te komen. Nooit gedacht dat we dit zouden doen en dat is misschien maar goed ook.
De volgende stop isRotorua. Het stadje ligt aan een mooi meer en is het centrum van thermale bronnen en geisers. En dat ruik je. Er hangt een doordringende stank van rotte eieren in de lucht. Rotorua is ook een centrum van Maori cultuur. Dat vinden we interessant en de manier om hiermee kennis te maken is een diner met optreden. We zijn 's avonds te gast bij de Mitai familie. Samen met 300 andere gelukkigen worden we in een grote tent geperst en de host van de avond wil precies weten waar we allemaal vandaan komen. En dan moet er natuurlijk uit ons midden een bezoekende Chief gekozen worden voor de welkomstceremonie met de Maori Chief. Wij zijn onzichtbaar. Daarna gaan we met z'n allen naar de rivier in het bos om de kano met Warriors te bekijken. Er komt een boomstam door de 30 centimeter diepe sloot aandrijven met een aantal beschilderde jongens erin. Ze kijken allemaal heel boos, dus dat zullen de Warriors wel zijn. Dan is het tijd voor de welkomstceremonie en moet onze Chief, een oudere Deense man, een paar welkomstrituelen en een speech ondergaan. Het diner wordt pas aan het eind geserveerd, we hebben honger en al betaald, dus we zitten het braaf uit. Gelukkig krijgen we nog de Haka (indrukwekkende oorlogsdans) te zien en het eten is bijzonder goed. Daarna mogen we nog een keer het bos in om naar de gloeiwormen te kijken, maar dat doen we wel de volgende keer als we op bezoek komen.
We hebben nog4 dagen over voor we weer naar Nederland gaan en besluiten om richting de bay of islands in het Noorden te gaan. Dat moet een tropische omgeving met idyllische stranden en aquamarijn water zijn. Lekker nog een paar dagen ontspannenvoordat we zaterdag weer in het vliegtuig richting Nederland stappen. Dat is best een raar idee, maar we hebben allebei ook wel weer heel veel zin om iedereen weer te zien.
Heel leuk dat je ons hebt gevolgd en hartelijk bedankt voor alle leuke reacties. Tot volgende week in Nederland!
Shotover, Kayakrelatietest en Koelkast
We zijn erin getrapt. Tickets gekocht, regenpak aan, zwemvest eroverheen. En toen in de Shotoverjet gestapt. Dat is eennogalsnelle boot waar je met 12 andere schapen in geperst wordt. Even zwaaien naar de fotograaf en dan met 80 kilometer per uur door de canyon. Onderweg nog een paar'three-sixties' gemaakt, maar vooral adembenemend dicht langs rotswanden gestuiterd. Het was een mooie kermisattractie, maar dan in het wild. We hebben ons niet laten verleiden om de videofilm en foto's te kopen, dus jullie moeten maar geloven dat we erin gezeten hebben...
Verder hebben we de Queenstown trails nog wat verkend tijdens een mooie wandeling en mountainbiketocht. Queenstown en Milfordsounds liggen hemelsbreed misschien 75 kilometer uit elkaar. Er ligt alleen nog een serieus gebergte tussen, zodat we zo'n 350 kilometer moesten reizen om in Milford te komen. De weg daar naartoe is echter onwaarschijnlijk mooi. Ontelbare watervallen, helderblauwe bergmeren, besneeuwde toppen, duizenden schapen en wat verdwaalde hobbits, het isnet een sprookje. Het begint bijna een soort van normaal te worden als we weer een waterval van 100 meter tegen komen, alsof je hersenen eraan gaan wennen. Milford Sounds ligt echt in de middle of nowhere aan een fjord aan de westkust van Nieuw Zeeland. Na 2 maanden samen reizen hebben we inmiddels zoveel vertrouwen in onze relatie dat we een 5 uur durende zeekayaktrip in een 2-persoonskayak hebben geboekt. Eerst met een speedboot met daarop de kayaks een heel eind richting zee en vervolgens heerlijk met wind, golven en tij mee op het gemakje terugpeddelen. Onderweg zeehondjes gezien en genoten van een heerlijke dag op het water in een prachtige omgeving. Zeekayakken is trouwens nog even wat anders met golven van anderhalve meter op volle zee dan in kniediep water op een riviertje... Maar we hebben zelfs geen ruzie gemaakt toen onze kayak duikbootachtige neigingen vertoonde.
Na het kayakavontuur weer dezelfde weg terug richting Queenstown, onderweg nog een nacht geslapen in Te Anau en daarna door naar Wanaka. Wanaka is een soort Queenstown, maar dan een stuk relaxter. Het ligt midden in de NZ Alpen aan een prachtig meer en is internationaal vooral bekend vanwege de Ironman triathlon.Helaas was de triathlon net 2 dagen voorbij toen we aankwamen anders was dat ook nog wel een aardige activiteit geweest..;-). In Wanaka zijn we lekker 2 dagen gebleven en hebben weer een prachtige mountainbiketocht gemaakt en 's avonds Lord of the Rings deel I en deel II nog eens bekeken. Nieuw Zeeland is echt zo mooi als in deze film!
Daarna weer verder naar de westkust. De westkust van het zuidereiland van Nieuw Zeeland is iets bijzonders. Slechts bevolkt door 1% van de kiwis, miljoenen zandvliegen en wat koeien en schapen.Hier liggen de Fox en Franz Josef gletschers op zo'n 10 kilometer van zee omringd door regenwoud. Het is echt heel bizar om het ene moment door een dichtbegroeide en heel groene jungle te lopen en het volgende moment aan de voet van een gletscher te staan. We hebben de Franz Josef gletscher uitgekozen om te beklimmen. Dat mag en kan alleen onder begeleiding van een gids en dus gingen we volledig uitgerust met speciale schoenen, stijgijzers, gore tex broek en jas in een groepje van 10 de gletscher op. De Gletscher smelt en beweegt een paar meter per dag, dus er is niet zoiets als een vast wandelpad. Iedere dag maken de gidsen nieuwe paden door spleten, over ijskammen en zelfs door ijsgrotten. We kregen zelfs ook allemaal een ijsbijl. Niet dat we daar veel mee konden, maar het staat wel heel stoer op de foto's. Het enige wat een beetje jammer was dat het rond een uur of 3 echt ging stortregenen. Niet echt lekker om door een koelkast te lopen en emmers water over je heengekieperd te krijgen. Wel goed voor de plantjes en vandaar dus ook.... het regenwoud!
Volgens de meeste Nieuw Zeelanders wil je verder eigenlijk niet aan de westkust zijn (zandvliegen!), dus na de Gletscher zijn we richting Nelson gereden. Dit is de poort naar Abel Tasman National Park. We zijn van plan om hier een paar dagen te blijven, lekker te wandelen en daarna richting Kaikoura te rijden voor het zwemmen-met-de-dolfijnen festijn. En zo komt er weer een einde aan deze episode.....
Waar zijn de mussen gebleven?
Het Australie avontuur zit erop.Met deBlue Mountainshebben wehet hete Australie op een frisse manier afgesloten. In tegenstelling tot het gemiddelde Australische weer (hitte!) was het in de Blue Mountains een stuk koeler. Perfect om lekker te fietsen. We hadden in de Lonely Planet gelezen dat het in Blue Mountains perfect fietsen was... als je een fiets hebt. Helaas, in een straal van 150 kilometer was er geen fiets te huren, dus zijn we in plaats vande fiets op een paard gestapt. Na 2 uur wandelen in draf en in galop waren onze paarden Sparky en Flame aardig bezweet en zijn wij 3 kwartier bezig geweest om alle organen weer op de juiste plaats te duwen. Nooit geweten dat je van paardrijden zo'n spierpijn kunt krijgen! Verder hebben we nog een wandeling doorde grandcanyon gemaakt en hebben we de Jenolan Caves bezocht. Al zijn we niet echte grottypes (?), deze grotten waren bijzonder mooi. Voor de laatste nacht in de Wickie zijn we naar de kust onder Sydney gereden, om nog 1 nachtje in slaap te vallen met het geluid van de rollende golven. De volgende dag hebben we de camperingeleverd en hebben we nog gezellig een nacht bij Chantal en Sebgeslapen.
En toen kwam Nieuw Zeeland: het toetje van onze reis. Het iswellicht voor sommige lezers een beetje een inkopper, maar het moet toch gezegd worden: Nieuw-Zeeland is prachtig!De natuur is eenexplosieaan kleuren en verschillende landschappen.Bizar ook om na zo'n lange vakantie gewoon nog een maand naar weer een compleet nieuwe bestemming te kunnen! Bij aankomst in Christchurch hebben we de camper opgehaald en camping opgezocht. Eerst maar even een beetje inlezen en voelen hoe het voelt hier.Ze hebben in tegenstelling tot Australie hier iigde verwarming op laag gezet. Het is een graad of 20 kouder.Even wennen, maar na de Australische hitte ook wel weer lekker. We zijn een paar dagen in Christchurch gebleven om de rest van de reis een beethe losvast te plannen en natuurlijk de stad te zien. Christchurch voelde gek genoeg een beetje zoals Utrecht. Het voelt heel Europees aan en de rivier die doorhet park van destad stroomt lijkt op de Utrechts gracht. We hebben lekker in het zonnetje gekanoed op de rivier en hebben met de tram de stad verder verkend.
Na Christchurch zijn we naar Akaroa gegaan. Een vulkanisch gebied, twee uur rijden van Christchurch. Dit was onze eerste 'encounter' met de NZ natuur. Zo prachtig dat we bijna een heel kaartje van de camera hebben volgeschoten. Na Akaroa zouden we gaan raften op de Ragitata River. Een rivier aangemerkt met de hoogste grade rafting, nummer 5.Helaas ging dat avontuur niet door, omdatde rivier door regenval zo hoog stond dat deze onbegaanbaar was geworden. Dus doorgereden naar Lake Takepo, een turquoize meer omringd door met sneeuw bedekte bergenwaar je geweldig kunt mountainbiken. En waar je gelukkig welfietsen kunt huren! Wezijnoff-road overde wandelpaden van Lake Tekapogeketst en hebben met uitzicht op het meer in onze camper geslapen.Na Lake Tekapo zijn we naar Mount Cook gereden, met 3700 meter de hoogste berg van Nieuw-Zeeland, om daar lekker te wandelen. Nieuw-Zeeland is echt een wandelparadijsof je nukorte, lange, makkelijke of moeilijkewandelingen wil maken: voor ieder wat wils. En ook voordelig: je wordt in ieder geval niet opgevreten door krokodillen, slangen, spinnen of ander gespuis. Nieuw-Zeelandis namelijk enge dieren-vrij. Alleen maarvogeltjes (wij weten nuwaar alle mussen zijn gebleven), schapen,konijnen, possums en andere snoezige dieren.
En nuzitten wein Queenstown,de speeltuin van Nieuw-Zeeland met werkelijk alle buitensportmogelijkheden die je je maarkan bedenken.Welke wij precies in Queenstown gaan doenweten we nog niet. We worden iig morgen met een jet door eencanyongeschoten. Wehebben wel al wat activiteiten gepland voor de rest van het zuidereiland: boot en kayak in MilfordSound, de Franz Jozef gletsjer een dag beklimmen, mountainbiken Wanaka, hiken ofzoiets in Abel Tasman national parc en zwemmen met wilde dolfijnen in Kaikoura. Nog heerlijk een maand buitenspelen..
GELUKKIG NIEUWJAAR
We wensen jullie vanuit Sydney een mooi, gezond en liefdevol 2010!
Op Boxing Day –tweede kerstdag- hebben we dan eindelijk Bellingen verlaten en zijn we naar Nelson Bay gereden. Een plaatsje net boven Newcastle en slechts 200 km van Sydney. Een prima laatste plek.. als de regen niet met bakken uit de hemel kwam. Fijn voor de plantjes, maar minder fijn als je op een sandboard wil staan. Daarna naar Newcastle gegaan. De plaats waar de Engelsen vroeger hun 'convicts' naartoe stuurden. Een leuke badplaats die typisch engels aanvoelt (dat zou ook aan de regen hebben kunnen liggen :).
In Sydney is de regen uiteindelijk gestopt. Het is erg leuk om weer terug te zijn bij Seb en Chantal in Sydney. Hun baby Noah is ondertussen in 6 weken een kleine boy geworden. De afgelopen week hebben we lekker in Sydney rondgewandeld. Een baaitje hier, een strandje daar en natuurlijk de overweldigende stad zelf. Sydney is werkelijk een magische stad. Dat vonden we 6 weken geleden al en nu nog steeds. Misschien zelfs wel een beetje meer door het vieren van nieuwjaar hier met het spectaculaire vuurwerk. Een ervaring die we niet hadden willen missen. We hebben samen met Chantal en Seb op een perfecte plek met een enorme grijns en veel ‘ooohhh en aaahhhss’ naar een in alle kleuren verlichte Sydney gekeken. Kippenvel.
Vandaag vertrekken we naar Blue Mounains om onze kerst- en nieuwjaarsbuiken eraf te trainen. Lekker wandelen en fietsen in de bergen. Na de blauwe bergen komen we nog een dag terug in Sydney en dan is alweer tijd voor het Kiwi-avontuur…
Bello Time!
We wensen jullie vanuit een zonnig Australie een gezellige kerst en een mooi nieuw jaar. We vinden het erg leuk om jullie reacties te lezen, bedankt!

Het klinkt misschien een beetje raar, maar na al dat gereis hadden we toch echt even behoefte aan vakantie.. ;-). Byron Bay bleek een uitstekende plek om een paar dagen lekker te ontspannen. We hebben ons 4 dagen lang vooral druk gemaakt over de temperatuur van het water (uitstekend), de hoogte van de golven (hoog genoeg voor ons) en het tijdig aanbrengen van een dikke laag zonnebrand (factor 30, 4 uur waterbestendig). Lekker peddelen en zo nu en dan een paar meter rechtop staan op een surfplank geeft wat ons betreft een prima benadering van het vakantiegevoel. Byron Bay zelf is een prettig aanvoelend surfdorp met een paar leuke restaurantjes, straatmuzikanten en andere gezelligheid. Heerlijk!
Het achterland van Byron Bay zag er ook veelbelovend uit. Dit deel van Australie staat bekend om de enigszins alternatieve levensstijl en het centrum van dit alles is Nimbin. Volgens de LP een uit de hand gelopen sociaal experiment. Er opaf dus. Tot 1973 was Nimbin een klein dorpje met voornamelijk landelijke activiteiten. Toen was daar het Aquarius popfestival. Na afloop van het festival zijn er wat bezoekers blijven hangen en nooit meer vertrokken. De activiteiten zijn nog steeds landelijk. Ze houden zich voornamelijk bezig met het kweken, roken en verkopen van Marihuana en een niet onsuccesvolle strijd met de lokale politie. Zo rond het middaguur komen de bussen met toeristen uit Byron Bay aan. Rond een uur of 2 is het halve dorp aan de vredespijp aan het lurken. En rond een uur of 5 is het dorp uitgestorven en ligt iedereen te snurken. We hebben de vredespijp overgeslagen en zijn op zoek gegaan naar een mooie waterval met rope-swing in het oerwoud. Als je dan met het touw in je handen op een meter of 15 boven het water staat is het toch even spannend en goed voor de adrenaline productie!
Na Nibbit zijn we verder afgezakt naar het zuiden. Via Yamba aan de kust richting Bellingen. Dit dorpje ligt aan de 'Waterfall way', vanwege, het is niet te geloven, de enorme hoeveelheid watervallen in de regio. Het lijkt of de tijd hier een jaar of 30 heeft stil gestaan. Mooie oude huizen in een mix van cowboy saloons en koloniale paleisjes. De plaatselijke camping is onlangs overgenomen door een vleermuiscolonie met 40.000 nieuwe inwoners, dus we slapen lekker in de jeugdherberg. Een soort villa kakelbont, compleet met veranda en prachtig uitzicht over de rivier en achterliggende bergen. En er zijn volop leuke activiteiten! We hebben een mooie wandeling door het regenwoud gemaakt, lekker een dagje in een kano over de rivier gedobberd, een pittige mountainbiketocht gemaakt, en middag gesurfed op het strand, boekjes gelezen, in de hangmat gehangen, in een autoband in de rivier gelummeld, gepooled met 4 nieuwe Nederlandse vrienden en de kat geknuffeld. Het plan was om 2 nachten te blijven, maar het zijn er inmiddels 6 geworden. Dat heet hier 'living on Bello time'. Als Bellingen niet zo belachelijk ver van Europa zou liggen zou het hoog op onze lijst van permanente vakantieadressen staan.
We hebben nog niet echt een kerstgevoel hier. Ondanks de kerstman die gistermiddag met 35 graden zat te druipen in zijn rode pak op de stoep van de plaatselijke supermarkt. Het is een beetje onwerkelijk om kerst te vieren in de zon en zonder familie en vrienden. Maar gisteravond hadden we toch ineens een spontaan kerstdiner met een stel duitsers, een taiwanees, 4 australiers en 3 engelsen. De mix van culturen en leeftijden geeft een heel bijzondere (kerst)sfeer en het was buitengewoon gezellig. Zo dadelijk gaan we met z'n allen naar het strand en daarna gaat de bbq aan. Vreemd, maar wel lekker!
Groot..
Alles hier is groot. De auto's, de campers (behalve die van ons), de golven, de hamburgers, de buiken, maar vooral het land is enorm groot. Daar hebben we ons een klein beetje in verslikt. We hebben best veel tijd voor onze route, maar het blijft toch een forse afstand die we moeten rijden. Een dikke 5000 km en drie tijdzones hebben we nu achter de rug en nu gaan we vooral heel kalm aan de laatste 800 doen.
Na Magnetic Island hebben we koers gezet naar het zuiden. Eerste halte was Airlie Beach. Een soort Salou maar dan in Australie. Daar kregen we beiden niet een bijzonder warm gevoel van, dus de volgende dag door richting Mackay. Onderweg overvallen door een enorme stortbui, de eerste in weken.Dat bleek een mooi moment om te besluiten een regenwoud op te zoeken.
Queensland heeft zo'n beetje 200 natuurparken. Sommige zijn niet veel groter dan een rots van 10 bij 10 meter, maar er zitten ook enorme parken bij. Wij kozen voor Eungella Rainforest Parc. Home of the Platypus. De wat? Hét vogelbekdier, ofwel rare eend volgens Scarlett. Tijdens de sunset hebben we 3 kwartier over de reling van de brug gehangen en hebben er wel 1 gezien. Ze schijnen nogal verlegen te zijn, dus zodra hij ons in de smiezen kreeg was hij weer vertrokken. Ook een prachtige wandeling door het regenwoud gemaakt en daarna nog een mooi off the road avontuur compleet met rivierdoorsteek. Er zat iemand te kraaien achter het stuur. In het park wilden we op een natuurcamping blijven slapen. De eerste die we hadden uitgezocht werd bevolkt door een paar miljoen krekels en die waren met z'n allen enorm aan het krijsen. We konden elkaar niet eens meer verstaan. De tweede camping was beter. Heerlijke avond met zelfs nog een live concert van de Australische Johnny Cash bij het kampvuur.
Omdat we de Whitesunday islands hebben overgeslagen (te druk en georganiseerd), maar toch heel graag het Great Barrier reef wilden zien zijn we neergestreken in Town of 1770. Dit was de plek waar Captain Cook voor het eerst aan land kwam toen hij in 1770 het continent opeiste voor de Britse kroon. Een mooie boot uitgezocht met niet al te veel mensen en de volgende dag waren we om half 8 paraat in de haven. Eerst lekker 2 uur varen naar een paar piepkleine eilandjes bij het rif en toen kon het onderwater avontuur beginnen. Tijdens de ochtendsessie hebben we gesnorkeld en heel veel gekleurde visjes in alle soorten en maten gezien. 's Middags kregen we samen een introductieduik.
Na een korte uitleg - wat moet je doen als er een haai oversteekt - kregen we pakken aan, een paar kilo lood omgehangen en een fles op de rug. Toen werd het spannend, we moesten ook nog het water in. Het plan was om via de ankerketting naar een diepte van 8 meter af te zakken. Op ongeveer 35 cm meter onder het wateroppervlak was Martijn er al een soort van klaar mee, hup omhoog. Dat is natuurlijk ook niks voor een Zeeuw, zo onder water. Na wat opbeurende opmerkingen van de instructrice opnieuw naar beneden. Een meter of 7,5 hebben we nog gehaald. Toen sloeg de blinde paniek toe. Het zit natuurlijk allemaal tussen de oren, maar onder water zwemmen is vooral voor vissen. Daar hebben ze ook kieuwen voor (woorden van Martijn ;-). Martijn was klaar met de wondere wereld onder water. Scar heeft nog een minuut of 20 over de zeebodem gescharreld. En dat vond ze helemaal te gek.
Uiteraard ook iets OP het water proberen. Surfles genomen van een doorgewinterde surf Sensei en daarna het water op. Het moet gezegd worden dat we allebei zeer tevreden waren over de eerste surfsessie. We hebben zelfs rechtop gestaan!
Na de town of 1770 zijn we verder afgezakt richting Great Sandy National park in de buurt van Rainbow Beach. Het plan was om door dit nationaal park te rijden, maar de mevrouw van het Ranger station keek zo bedenkelijk toen ze ons busje zag en hoorde dat we geen schep, geen sleepkabel, geen uit-het-zand-rij planken bij ons hadden, dat we besloten dat maar niet te doen. In plaats daarvan zijn we via het strand gereden en uiteindelijk een mooi plekje op een camping in de duinen gevonden. 's Ochtends ontwaken met een kopje koffie in kniediep water, 3 x vallen en we lagen in zee, Heerlijk!
In de Lonely Planet hadden we gelezen dat een bezoek aan het Australie Zoo van wijlen Steve Irwin eigenlijk niet overgeslagen kon worden. Steve Irwin is de bekende krokodillenjager van televisie die in 2007 door een pijlstaartrog is gestoken en ter plekke is overleden. Zijn missie en die van zijn familie is het beschermen van wildlife wereldwijd en zijn dierentuin is het kloppend hart van organisatie. Dat wilden we graag zien. Bij de dierentuin waren we net op tijd voor de krokodillen-voeren-show. Toen we terecht kwamen in een enorm stadion en er een spreekstalmeester vroeg of alle mensen per nationaliteit de wave en een gekke vogel na wilden doen, gingen er 2 paar wenkbrauwen omhoog. Die zijn eigenlijk niet meer naar beneden gegaan. Geen dierentuinen meer voor ons..
Na nog een nacht in Mooloolaba aan de kust zijn we nu in het heerlijke Byron Bay aanbeland. Geen wonder dat sommige mensen hier langskomen en pas na een heeeeele lange tijd weer weggaan. Byron Bay is een heerlijke mix van laid back, new age, backpackers, artiesten en surfers natuurlijk. Eens kijken of we hier onze surfmoves nog wat verder kunnen perfectioneren ;-). Vandaag was in ieder geval een goede start. Het plan is om hier een paar dagen te blijven en dan via wat natuurparken en hier en daar een surfstrandje af te zakken naar Sydney.
Een week en 2300 km verder
Soms moeten dingen zo zijn. Daarom voor ons geen off-road plenty highway naar de kust. Door een lekke band, negatief reisadvies van de Wicky mensen en een verzengende hitte zijn we via de normale snelweg naar de kust gereden. Gelukkig maar, want met de hitte (46 graden) was het al zwaar genoeg on-road. We hebben 4 dagen gereden om uiteindelijk de zee te kunnen zien. Een vriend van Chantal had ons al gezegd: 'you'll be eating kilometers.' Dat is een understatement. We hebben dagenlang gereden in ‘the nothing': rood zand, struiken en hopen termietenheuvels. Klinkt wellicht onaantrekkelijk, maar het was echt een ervaring die we niet hadden willen missen.
We hebben geslapen op kampeerplaatsen bij Road houses. Op een van deze eerste plaatsen ontmoetten we Camel Man, een man van 60 jaar die al 8 jaar met zijn twee kamelen door Australie trekt. Hartstikke geschift natuurlijk, of niet.. Voor ons uiteraard wel, maar de wijze man was wars van materialisme en wilde vrij zijn. Niet een vrijheid waar wij snel voor zouden kiezen, maar hij had zich nog nooit zo gelukkig gevoeld. Toen we hem bij vertrek een ‘Good Day' wenste, zei hij glimlachend: 'When it's not a good day, it is always me and not the day'. En zo is het!
We kregen ook een lekker outback / cowboy gevoel in Torrens Creek. Een gat met 15 inwoners die allemaal op de stoep van het plaatselijke etablissement zaten toen we daar aankwamen. Niet te verstaan en behoorlijk getekend door het gebrek aan genetische variatie, dus prachtig. We hebben imiddels ook een lokale naam gekregen. Iedereen noemt ons 'Mate' en vraagt constant hoe het gaat. Nou het gaat bijzonder goed!
En nu zijn we dan eindelijk aan de kust. De afgelopen dagen hebben we geluierd op Magnetic Island, een eilandje vlakbij Townsville. Zeer goede keuze! We staan met onze camper (onze Wicky gaat uiteraard ook mee naar de eilanden) op Bungalow Bay Koala Village. Bungalow Bay is een kruising tussen een dierenspeciaalzaak, maar dan in het echt. Er springen kangeroes rond, er hangen koala's aan de bomen, ‘possums' (knuffelige buidelratten ofzoiets) eten gezellig met ons mee en grasmussen/parkieten, vleermuizen, kaketoes en andere vreemde vogels fladderen van boom naar boom. We kijken onze ogen uit. Uiteraard zijn er ook gemene dieren, zoals bijtende mieren, muggen, zandvliegen (bijten gewoon een stuk uit je been) en .. de dodelijke kwal Boxing Jellyfish (Stinger). Alhoewel deze kwal uiteraard niet op Bungalow Bay Village te vinden is, is hij helaas wel te vinden in de zee rondom het gehele eiland. Oh ja en in het gehele Great Barrier Reef. Een ongelofelijke tegenvaller, omdat we hierdoor dus niet ‘vrij' de zee in kunnen springen. Dat is volgens de Lonely Planet te vergelijken met het spelen van Russisch Roulette, tenzij je een speciaal Stingerpak of duikpak aan hebt.
Morgen gaan we weer verder op avontuur!
Alice in wonderland.
Wonderland in het midden van Australie is rood zand, een paar struiken en een middagtemperatuur van 40 graden. Pffff, het was even wennen toen we het vliegtuig in Alice Springs utstapten. Voelde als eenoven!Nu een paar dagen verder en het valt allemaal hartstikke mee. Door een lekker windje, sunscreen 30en heeeel vroeg opstaan, is de outbackmeer dan prima te doen. 's ochtends worden we gewekt door het gekwetter van de kaketoes die in zwermen over de camping vliegen.
We hebben onze Wicked 4WD camper opgehaald (hij is helemaal te gek, zie foto's) en zijn naar Uluru (Ayers Rock) gereden. Meteen Uluru met sunset meegepakt. Geweldig mooi.Toen hadden we bedacht dat het wel aardig zou zijn om de volgend dag met een gids om de rots heen te lopen om zo wat meer info te krijgen. Dat hoeven we niet meer te doen. De rots en alles eromheen is wel erg toeristisch.. Daarna zijn we weer verder getrokken richting Kings Canyon. Veel minder toeristisch en prachtig mooi. De zandsteen rotsen hebben alle kleuren van de regenboog, zodat je echt het gevoel hebt alsof je in een schilderij wandelt.
Ze hebben hier ook heel lieve hondjes. Ze heten allemaal 'dingo' en lopen vrolijk over de camping. Het schijnt beter te zijn omze niet te aaien.
Links rijden is trouwens niet lastig. Je moet meer op je hoede zijn voor loslopend wild dan de neiging om rechts te rijden te onderdrukken. Vanochtend zei de mevrouw van het benzinestation dat we moesten oppassen voor lopslopende kamelen op de weg. 'They are pretty stupid...' Nou dat viel uiteindelijk wel mee. Elegant huppelend gingen ze voor onze wicked campervan aan de kant. Naast alle kangaroes, walibies, dingo's, hagedissen etc.
Vandaagzijn weoff-roadterug naar Alice gegaan. Gewoon zand en kiezels en nog meer zand. Onze 4WD wicky kon het makkelijk aan. Het kleine monsterrijdt super. Verder is het een crappy camper: de keuken die er in hoort te zitten is er eigenlijk niet (tenzij jeeen watertank met wat planken eromheen als keuken bestempelt), de gordijnen die er hangen kunnen op een paar meter na niet dicht, de matrassen zijn zo dun dat martijn vandaag al op zoek is gegaan naar een chiropractor en het interieur (?) is nog net aangevreten. Maar... maar... we houden nu al van onze wicky, want hij rijdt als een trein en is de knapste van alle campers in heel Australie. We oogsten vooral veel glimlachende gezichten met detekst achterop onze camper. De komende weken rijden we door Australie met de tekst: 'It is not the length of the wamp that matters, but the magic in the stick!' En zo is het!
Na de 200 km offroad van vandaag hebben we de smaak te pakken. Morgen gaan we richting Queensland over de plenty highway. Dat is dus geen echte highway, maar een offroad track met zand dwars door het midden van Australie. 800 kilometer zandhappen en stuiteren in onze wicky. Meer over de track in een volgende episode....
Morgen laten we Alice alweerachter ons iggen en gaan via een off-road track helemaal naar Queensland. Dat gaat wel een paar dagen duren, maar we hebben alle tijd!